Douches meisjes
Weeshuis aan de Volkerakstraat
vergroot foto

Weeshuis aan de Volkerakstraat

Mevr. Roffel
Verhaal van een meisje uit de jaren: 1935-1938
De ontvangst: In september 1935 meldde ik me bij de portier.
De juffrouw van de afdeling "Oudste Meisjes" haalde me op en begeleidde mij naar de badafdeling om te douchen.
Daarna was het volgende bezoek de naaikamer, alwaar mij het wezentenue werd aangemeten:
Zwarte japon-wit kraagje
Zwarte kousen-zwarte schoenen
Zeer degelijk ondergoed
Alles onverslijtbaar!
De juffrouw bracht mij vervolgens naar de eetzaal en stelde mij aan mijn lotgenoten voor als nieuwe huisgenote.
De eerste dag is verder volledig aan mij voorbijgegaan. Het was net alsof ik iemand anders was.
De huisvesting van een "oudste meisje"; in de leeftijd varierend van 15 t / m 18 jaar.
A) De huiskamer met daarbij een kleine keuken en een wand met voor elk meisje een privé-kastje
B) Een aparte huiswerk-kamer
C) De slaapafdeling bestond uit een slaapkamer voor 8 meisjes met daarbij een aparte kamer voor de juffrouw.
Bedtijd: 22 uur
6. 30 uur stonden we op
D) Naast de slaapafdeling een wasgelegenheid met voldoende wastafels met warm en koud stromend water.
Ik had het voorrecht in een nieuw, voor die tijd modern weeshuis te wonen met alle comfort.
De dagindeling
De oudste meisjes hadden beurtelings de opdracht om de kleintjes te helpen bij wassen, aankleden en eten. Er werd veel aandacht besteed aan hygiëne.
De kinderen moesten fris gewassen op school verschijnen, want weeskinderen werden dikwijls met een speciale blik bekeken.
Alle kinderen boven de 6 jaar moesten om 8 uur in de eetzaal zijn. De directeur opende de dag met een bijbellezing en gebed.
Daarna moesten we allemaal staande een psalm of gezang zingen.
Op zaterdag hadden we in groepen zangles en dan werden de liederen ingestudeerd.
Tussen de middag gebruikten we gezamenlijk de warme maaltijd in de eetzaal.
Na schooltijd moest ik met de andere meisjes een uur strijken. Tijdens deze bezigheid zongen we het hoogste lied. Daarna waren we vrij van opdrachten.
Het huiswerk werd gemaakt en om 18. 00 uur aten we brood in de huiskamer. Na de maaltijd, als alles netjes opgeruimd was, maakten we een kopje koffie en deden een spelletje of we lazen. Er was geen radio.
Wat werd er gedaan op zondag?
We mochten 30 minuten uitslapen. Om 9 uur gingen we in de rij naar de kerk. De ene week naar de Nieuwe Kerk en de andere week naar de Oude Kerk.
We liepen er in twee aparte rijen heen: in de ene rij de oudste meisjes, in de andere rij de oudste jongens. Helemaal van de Volkerakstraat via de Kalverstraat naar de Nieuwe Kerk.
In de Kalverstraat ontmoetten we altijd de Burgerwezen, die ook op weg waren naar dezelfde kerk. Zij bekeken ons met triomfantelijke blikken, want zij hadden reeds burgerkleding aan, terwijl wij nog in het weeshuispak liepen.
Na de kerk waren we vrij. Ik ging dan meestal met de kleintjes spelen of op de fiets naar kennissen.
Als een berg heb ik tegen plaatsing in het weeshuis opgezien.
Gelukkig was er onderling een goed saamhorigheidsgevoel, alhoewel het niet altijd "koek en ei" was.
Een ieder had zijn eigen geschiedenis met veel verdriet en dat gaf soms problemen. Gelukkig hadden wij een juffrouw met veel begrip voor onze situatie.
Wat is er met mij gebeurd na de weeshuisperiode?
Op de ziekenzaal werkte een diacones, zuster Dick. Een schat voor de zieke kinderen.
Zij heeft mij geïnspireerd om de verpleging in te gaan en dit heb ik met volle overtuiging gedaan.
Verhalen van Vroeger is een initiatief van Stichting Tijdgeest